Aanklager vraagt zes maanden voor ABVV leden! Dat kan nu toch niet meer!

Patrick Humblet Gewoon hoogleraar arbeidsrecht, Faculteit Recht & Criminologie UGent

(een ingekorte versie van deze tribune verscheen op vrijdag 15 juni in De Morgen)

Een van mijn guilty pleasures is het VT4-programma “De rechtbank”. De formule is eenvoudig. Een halve zool heeft wat mispeuterd en staat voor de politierechtbank of een andere rechtsprekende instantie. De zaak is zo simpel dat ze uit de koker van de scenaristen van “De Buurtpolitie” lijkt te komen. Na het uitwisselen van gemeenplaatsen trapt de raadsman wat open deuren in waardoor de kijker zich afvraagt waarom men de rechtsfaculteiten niet per direct afschaft. Tot besluit spreekt de rechter de beteuterde beklaagde vermanend toe. De donderpreek wordt bezegeld met een monkellach. Of er vandaag (15 juni) gelachen zal worden in de correctionele rechtbank te Antwerpen durf ik sterk te betwijfelen. Hier staat meer op het spel dan een week rijverbod.

De regionale voorzitter van het ABVV Antwerpen en een militant lid van diezelfde vakorganisatie staan terecht vanwege hun rol bij een collectieve actie in 2016 naar aanleiding van een interprofessionele 24-uren staking. Zij waren betrokken (volgens de Procureur des Konings) bij het blokkeren van wegen in het havengebied. In de dagvaarding wordt verwezen naar artikel 406 Strafwetboek (Sw.) dat voorziet in straffen tot 10 jaar voor al wie “kwaadwillig het verkeer belemmert”.

In de parlementaire voorbereiding van dit artikel werd er de nadruk op gelegd dat het niet de bedoeling was om het te gebruiken tegen vakbondsacties. In 1993 echter werden boeren veroordeeld door de correctionele rechtbank van Gent omdat zij met hun tractoren het verkeer hadden geblokkeerd toen ze protesteerden tegen een of andere maatregel van de regering. In 2004 heeft het Antwerpse hof van beroep deelnemers aan een filterblokkade niet vervolgd omdat de actie vooraf werd aangekondigd, er onderhandeld was met de bevoegde autoriteiten, de politie ter plaatse was en het opzet niet zozeer was het verkeer te belemmeren als wel ruchtbaarheid te geven aan vakbondseisen. Maar zullen vandaag de beide vakbondsleden ook vrijuit gaan? Ik zou niet graag in de schoenen staan van de rechter die een oordeel moet vellen. Het gaat immers niet om een eenvoudig probleem.

In de media heeft men altijd de mond vol over het recht op staking. Artikel 6 alinea 4 van het Herziene Europees Sociaal Handvest (dat door België werd geratificeerd) garandeert echter meer dan dat, namelijk het recht op collectieve actie. Impliceert dit niet het recht om te betogen (waarbij soms straten worden afgesloten)? Een bijkomend heikel punt is dat een vakbondsleider op de korrel werd genomen. Er stonden daar waarschijnlijk enkele honderden vakbondsleden op dat moment, maar wat doet men? Men pikt er een leidend figuur uit en stelt een pv tegen hem op. Dit is een praktijk die vergelijkbaar is met door bezettingsmachten gebruikte technieken. Notabelen worden aangehouden en geëxecuteerd om een voorbeeld te stellen. Als de Belgische rechter daar al niet zwaar aan zou tillen, zal dat wel het geval zijn als deze zaak ooit wordt behandeld door een supranationaal rechtsorgaan zoals het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. Vergeten we immers niet dat het Freedom of Association Committee (FAC) van de Internationale Arbeidsorganisatie al meermaals heeft verklaard dat geweld door ordediensten in geval van vakbondsacties alleen maar toegelaten is wanneer wet en orde ernstig bedreigd zijn. En is het selectief oppakken van leiders van een vakbondsactie geen vorm van geweld?

Een van de argumenten die zal worden aangehaald tijdens de zitting is waarschijnlijk dat een dergelijke repressieve houding tegenover vakbondsacties vrij nieuw is. Je kan dit proberen te verklaren door de nieuwe politieke wind die er waait, maar dat is al veel langer aan de gang. De grondstroom van de maatschappij is – vooral in Vlaanderen – anti-vakbond. “Dat kan nu toch niet meer” is het leidmotief van elk burenfeest waar er steevast een boompje wordt opgezet over acties van de leerkrachten, de tram- en treinbestuurders, enz. Waarom wordt er op dergelijke festiviteiten eens geen postbode of een chauffeur van de Lijn uitgenodigd in plaats van een dixielandbandje? Zij kunnen vertellen hoe met de stopwatch in de hand routes worden uitgetekend waarbij er nauwelijks tijd is voor een sanitaire stop. Of laat een verzorgende in een WZC eens haar of zijn verhaal doen over hoe zij of hij wordt afgejakkerd door de directie en afgebekt door boze familieleden. Of een kleuterjuf met vele jaren op de teller die – net genezen van een lumbago – kinderen moet tillen. Of….
Je zou voor minder een straat blokkeren.

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.