Bestuursakkoord Turnhout: een vrijgeleide voor en op maat van N-VA

Niet enkel in Antwerpen zette sp.a vele kiezers voor schut door in zee te gaan met de aartsvijand. Ook in Turnhout was dat onder andere het geval. Dezelfde drogredenen werden aangehaald om de samenwerking te verantwoorden, en het bestuursakkoord is net als in Antwerpen een grote toegeving aan N-VA en een maat voor niets voor socialisten.

De voorgeschiedenis

14 oktober 2019: gemeenteraadsverkiezing. In Turnhout gaat de N-VA er fel op achteruit, Vlaams belang wint fors. Ook sp.a gaat erop vooruit, in tegenstelling tot de algemene trend, en dit dankzij een bijzonder gemotiveerd campagneteam en een programma met zeer veel sociale en zelfs enkele socialistische accenten.

Het resultaat ziet er als volgt uit: N-VA: 8 zetels, Vlaams Belang: 7 zetels, sp.a: 5 zetels, TIM (lokale centrumpartij): 5 zetels, Groen: 4 zetels, CD&V: 4 zetels, Open VLD: 1 zetel, PVDA: 1 zetel.

Ondanks het feit dat een centrumlinkse coalitie mogelijk was (sp.a, TIM, Groen,
CD&V, PVDA), gelijkaardig aan de coalitie (zonder N-VA) die de stad de vorige jaren vrij goed bestuurd had, beslisten de partijkopstukken van sp.a binnen de 24 uur om coalitiegesprekken te starten met N-VA (en met Groen en CD&V). TIM wordt zonder boe of ba buitenspel gezet, hoewel de partij de burgemeester leverde voor de vorige coalitie en een vrij sociaal beleid mee verwezenlijkte. Ook nu haalde deze burgemeester zeer veel voorkeurstemmen, en had hij slechts enkele stemmen minder dan lijsttrekker Paul Van Miert van N-VA.

Bovendien werd bij de beslissing om de coalitiegesprekken met N-VA aan te vatten de basis niet geconsulteerd, enkel de bestuursleden en de kandidaten op de lijst werden inderhaast bij elkaar geroepen (en overhaald om toch hun fiat te geven, na heel wat aanvankelijke bedenkingen).

Korte tijd later werd de burgemeester al aangeduid (Paul Van Miert) en werden de schepenpostjes met grote trom aangekondigd in de pers. Opnieuw zonder dat de basis geconsulteerd werd. Bovendien was er ook nog geen sprake van een bestuursakkoord. Men ging er toen blijkbaar al vanuit dat dit wel in orde zou komen.  Voorakkoorden zijn eigen aan de politiek, maar dit ruikt naar omgekeerde chronologie van democratie. Normaal zoekt men naar een consensus voor een mogelijke coalitie door de strijdpunten van de verschillende partijen naast elkaar te leggen, om zo tot een bestuursakkoord te komen. Pas achteraf worden de schepenmandaten proportioneel verdeeld. De hardste onderhandelaar wordt de informele leider en mag aanspraak maken op een gewichtige schepenpost. Maar in Turnhout draait men deze ongeschreven wetten van de lokale politiek helemaal om. Er wordt er gewerkt volgen de ‘regels’ van de N-VA: wij zijn zo goed als overal baas en je moet met ons besturen, zo niet dan gaan we heel moeilijk doen. Zowel lokaal als federaal spelen ze hetzelfde spelletje. En de traditionele partijen doen enorme toegevingen om toch maar mee in bed te zitten.

Enkele dagen voor de bekendmaking werd er dan wel een algemene vergadering georganiseerd ter goedkeuring van het bestuursakkoord, voorafgegaan door twee voorbereidende bijeenkomsten om wat meer informatie te geven over het akkoord. Op geen enkele van die drie vergaderingen werd het definitieve bestuursakkoord gepresenteerd en volledige hoofdstukken ontbraken nog. De lokale partijkopstukken deden hun uiterste best om ‘aan te tonen’ welke punten ze wel verwezenlijkt hadden en hoe goed het akkoord wel is. Dit gebeurde aan de hand van een projectie van allesbehalve definitieve teksten, waarvan een selectie voorgelezen werd, en die zeer slecht leesbaar waren. Een Word document in kleine tekst geprojecteerd op een muur is nu eenmaal vrij onleesbaar. Ze beweerden dat ze N-VA volledig buitenspel gezet hadden, want die partij zou lokaal geen enkele ervaring hebben. Maar N-VA wou wel per se meedoen en zou daarom zeer toegeeflijk geweest zijn bij de inhoud van het akkoord. Er werd zelfs beweerd dat het voorgelegde akkoord zo goed als een kopij was van het sp.a programma. Niets zal minder waar blijken.

Voor de uiteindelijke stemming tot goedkeuring werd dan de vraag gesteld door een aanwezige of er al een definitieve en volledige versie van het akkoord was, en zo ja, of iedereen daar een digitale of hard copy van zou kunnen ontvangen. Het antwoord op beide vragen was neen. De vraag, noch het antwoord erop, werden genoteerd in het verslag van de vergadering. Daarop volgde de stemming: 24 voor, 2 tegen, 2 onthoudingen. Het vonnis was geveld, de postjes verdeeld (weken eerder al) en de kiezer bedrogen.

De drogredenen

De redenen die door de lokale partijkopstukken werden aangehaald om toch met N-VA in zee gegaan lijken soms sterk op het Antwerps bedrog.

Zo zou een samenwerking met N-VA absoluut noodzakelijk zijn om hen ‘af te remmen’, om toch een sociale en inclusieve koers te kunnen varen ‘in het belang van de Turnhoutenaar’. Het uiteindelijke akkoord is echter helemaal niet bindend en geeft daar geen enkele garantie voor, integendeel. Meer details later in dit artikel. Bovendien heeft N-VA veruit de meeste zetels in de coalitie en zullen ze elke ‘socialistische’ wending tijdens het bestuur boycotten. Socialisten zijn nu eenmaal hun antipoden en ze hebben er een bloedhekel aan. Het is hun doel de sp.a kapot te maken door onder andere ervoor te zorgen dat ze hun verkiezingsbeloftes niet waar kunnen maken en ook door de sp.a intern te verdelen door de degenen die voor het akkoord zijn op te zetten tegen degen die ertegen zijn. In dat laatste zijn ze nu al geslaagd, vooral na de goedkeuring van het bestuursakkoord in Antwerpen door de sp.a leden.

De Turnhoutse N-VA zou ook niet zo ‘extreem’ zijn. Nu is het geen geheim dat de N-VA ideologie doordringt tot in de kleinste afdelingen, zo gaan ze te werk. Het is een geoliede machine waarvan de radertjes aangestuurd worden door de keizer op het schoon verdiep. Er zijn universitaire studies over gedaan die dat bevestigen: “N-VA: Analyse van een politieke ideologie” (Ico Maly). Het is een neoliberale besparingsideologie die de bevolking verdeelt, de arbeider uitperst, anti-syndicaal is, alle voordelen wil bieden aan de privébedrijven en een sterke voorstander is van privatisering. Om dat doel te bereiken, voeren ze ook een beleid van verdeel en heers, gebaseerd op een etnisch nationalisme dat steeds meer racistisch wordt en de schuld van alles afwentelt op minderheidsgroepen. Ook in hun partijprogramma voor Turnhout is dat zeer duidelijk te merken.

Een ander argument dat men hoort is dat een coalitie met de meer progressieve partijen, zonder N-VA, minder ‘stabiel’ zou zijn. Het klopt dat zo een coalitie minder zetels op overschot zou hebben, maar het heeft wel jaren vrij goed gedraaid met een gelijkaardige coalitie, ook met weinig overschot. Bovendien is men blijkbaar vergeten dat Turnhout kort na de vorige gemeenteraadsverkiezingen, waar men aanvankelijk ook met N-VA in zee ging, onbestuurbaar werd omdat N-VA Turnhout implodeerde en zichzelf uitschakelde. Ook op nationaal vlak schrikken ze er niet voor terug om hun coalitiepartners te gijzelen met de onbestuurbaarheid van het land als gevolg (Pact van Marrakesh). Beweren dat een coalitie met N-VA stabiel is ronduit een drogreden. De extra zetel van PVDA zou een meer progressieve coalitie perfect mogelijk gemaakt hebben, maar sommige ‘socialisten’ gaan liever in zee met N-VA en sluiten PVDA uit.

Dan wordt er ook nog gemeld dat deelname aan het lokale bestuur meer mogelijkheden zal bieden aan Turnhoutse mandatarissen bij de federale en Vlaamse verkiezingen van volgend jaar om een plaats op de lijsten te krijgen en zo ‘Turnhout op de kaart te zetten’. Dat klopt wel, maar er bestaat ook een nogal lelijk woord voor.

Het bestuursakkoord

Op het eerste zicht lijkt het akkoord vrij ‘sociaal’ en ‘inclusief’. Zoals eerder gemeld is een van de problemen echter dat het voor een groot deel niet bindend is en dat vaak de concrete invulling ontbreekt. Men heeft het over ambities, uitdagingen, plannen… allemaal ‘goede voornemens’ (het woord “ambitie” komt 34 keer voor in het akkoord). Hiervan zal N-VA handig gebruik maken om sociale initiatieven te boycotten, en zo veel mogelijk haar eigen programma door te drukken. Ze zijn tenslotte de grootste partij in de coalitie. Net als in Antwerpen zullen we in de toekomst heel veel horen dat ‘Vlaanderen er geen geld voor heeft’, dat ze afhankelijk zijn van het bovenlokale niveau en zo zullen ze lokaal de verantwoordelijkheden ontlopen. Het zal dan gaan over een door N-VA gedomineerde Vlaamse regering die in perfecte symbiose zal leven met de lokale N-VA besturen en de boel zal oplichten om ook lokaal de hun plannen zo sterk mogelijk uit te werken.

Naast de op het eerste zicht ‘sociale’ aard van het akkoord, zitten er ook heel wat bedenkelijke zaken in. Enkele voorbeelden:

  • Er wordt gesteld dat Turnova (een megalomaan en enorm betonproject in het centrum van de stad ten voordele van de geldbeurzen van grote vastgoedmakelaars en projectontwikkelaars, waarvoor de stad als compensatie een kunstacademie mocht uitbaten op de gronden) een ”voorbeeldproject voor heel Vlaanderen” De toon is gezet. Het is duidelijk welke richting het uit zal gaan.

 

  • Soms zeggen een paar woorden zeer veel, vooral voor de goede lezer. Let op dit zinnetje: “Het beleid zal erop gericht zijn om elke Turnhoutenaar zo veel mogelijk gelijke kansen te bieden en alle vormen van uitsluiting te bestrijden”. Waarom staat daar “zo veel mogelijk”? Dat is niet toevallig, daar is over nagedacht om zich in te dekken. Bovendien willen mensen geen gelijke kansen, maar gelijke rechten. Rechten zijn bindend, kansen niet. En op welk vlak wil men mensen ‘gelijke kansen’ geven?

 

  • Op zowat alle domeinen wil men vrijwilligers inschakelen (het akkoord bevat twaalf keer het woord vrijwilliger of een afgeleide ervan in verschillende hoofdstukken). Het inzetten van vrijwilligers is de nieuwe trend om budgettaire putten te vullen. Maar de vrijwilligers die zich goed bedoeld inzetten uit naastenliefde of in de hoop dat het hen zal helpen in het vinden van een volwaardige job (wat zeer vaak een ijdele hoop is) betalen mee de rekening. Ze voelen zich dikwijls misbruikt en miskend eens blijkt dat hun jarenlange inzet helemaal niet de verhoopte job, of niet eens respect, oplevert en de coördinator zal het meestal worst wezen. Vrijwillige ervaringswerkers in de geestelijke gezondheidszorg zijn daar een zeer goed voorbeeld van.

 

  • Het is duidelijk dat men jobcreatie aan anderen overlaat, voor de stad zelf is het al zeker geen prioriteit. En opnieuw zeggen een paar woorden heel veel. Let op het eerste deel van deze zin: “Wanneer er budgettaire ruimte is, worden extra maatschappelijk assistenten aangeworven om behoeftige mensen te versterken en goed te kunnen begeleiden naar (maat)werk”. De plannen zijn voorwaardelijk. Ze dekken zich dus tegen alles in.

 

  • Er zijn plannen om de stedelijke kinderopvang over te dragen aan de zorggroep Orion, wat neerkomt op de vermarkting ervan: “We onderzoeken of de reguliere stedelijke opvang (Slabbers & co) niet beter kan worden ondergebracht binnen de zorggroep Orion”. Op de website van Orion staat volgende onrustwekkende bewering: “Onderzoek wijst uit dat de motivatie en engagement van medewerkers hoger is bij organisaties die financieel autonoom kunnen werken”. En op hun Facebook pagina vinden we dit: “220 VRIJWILLIGERS, jawel, je leest het goed… ruim 220 fantastische mensen zetten zich belangeloos in bij Zorggroep Orion als vrijwilliger. Dat verdient een DIKKE PLUIM”. Wat werkgelegenheid betreft zal men dus ook niet op Orion moeten rekenen.

 

  • Niet enkel de kinderopvang, maar ook de zorgsector zal in handen zijn (of blijven) van Orion. Voor andere opdrachten zullen “externe partijen” aangetrokken worden. En het is opnieuw bijzonder onduidelijk wat die opdrachten dan zijn en wie de externe partijen zijn. “Onze gepriveligeerde actor, Zorggroep Orion, focust zich op de kerntaken (zorg-gerelateerde taken). Voor alle andere opdrachten worden samenwerkingen opgezet met externe partijen”. De ‘vermarkting’ van de zorgsector is frappant. De rusthuizen waren de eerste, in Turnhout mogelijk de kinderopvang, in Antwerpen de opvang van daklozen, alcohol- en drugsverslaafden. In Groot-Brittannië zijn er zelfs gevangenissen geprivatiseerd. Zorg en onderwijs moeten onaantastbaar zijn voor socialisten.

 

  • “Wanneer er (samenlevings)problemen zijn in de buurt, treden we snel en kordaat op”. N-VA zou hier wel eens een eigen invulling aan kunnen geven, en zal dat ook doen. Hun burgemeester wordt trouwens baas van de politie.

 

  • “Het beheersen van de Nederlandse taal is belangrijk voor anderstalige nieuwkomers om een volwaardige rol te kunnen opbouwen als inwoner van onze stad”. Copy-paste van de N-VA ideologie: wie geen Nederlands spreekt (of kan spreken), hoort er niet bij, is niet “volwaardig”.

 

  • Wat ‘diversiteit’ van de evenementen in de stad betreft zijn er enkel deze plannen: “Vegetarische en veganistische (dus diervriendelijke) opties op evenementen georganiseerd of gepromoot door de stad. Ook promotie van het aanbieden van vegetarische en veganistische alternatieven op evenementen georganiseerd in Turnhout. Foie gras wordt niet geserveerd op evenementen van de stad.” Het ‘verbindende’ element van de Turnhoutse evenementen beperkt zich tot diervriendelijkheid en het aantrekken van vegetariërs en veganisten. Er is geen enkel initiatief of voorstel om de superdiverse en multiculturele gemeenschap van Turnhout te betrekken.

 

  • “We onderzoeken de wenselijkheid van een lage-emissiezone”. Ook in Turnhout zal dus de minder begoede burger, die zich geen nieuwere auto kan veroorloven, financieel moeten opdraaien om de milieudoelstellingen te kunnen halen, als deze plannen uitgevoerd worden. Ondertussen wil men wel de “bereikbaarheid van de bedrijventerreinen” verbeteren zodat er meer vervuilende vrachtwagens langs de rand van de stad zullen passeren.

 

  • “We maken een warmte- en overstromingsplan”, terwijl Turnhout steeds voller gegoten wordt met beton om de vastgoedmakelaars te plezieren (waardoor het water niet meer in de bodem kan trekken).

 

  • “Waar de stad zelf bouwt of verbouwt, doen we dat energieneutraal”. Enkel de stad moet energieneutraal bouwen. De betonboeren vallen buiten deze regel.

 

  • “In bepaalde gebouwen verblijven veel mensen tijdelijk of officieus zonder zich hier te domiciliëren. Dat zorgt voor overlast bij buurtbewoners. We zoeken instrumenten om hieraan te verhelpen.” Ook hier, als we N-VA daar een invulling aan laten geven, dan weten we wat er zal gebeuren. De deur naar een heksenjacht tegen illegalen, vluchtelingen… wordt wagenwijd opengezet.

 

  • “We bekijken het aanbod aan ruimte voor industrie en KMO en vullen de bestaande tekorten in.” Bedrijven krijgen nog meer ruimte.

 

  • Apart hoofdstuk: “Thuishaven voor ondernemers”.
    • “Het is onze ambitie om van Turnhout de meest ondernemersvriendelijke stad van de regio te maken”. Dat zal in realiteit betekenen dat ze nog meer voordelen zullen krijgen dan ze al hebben. Taxshift in de verkeerde richting? Het staat er bijna letterlijk zelfs: “We bekijken of we het pakket van fiscale maatregelen – en de administratieve last die ze met zich meebrengen – kunnen vereenvoudigen.” … “We voeren een onderzoek naar de vereenvoudiging en de herziening van lokale belastingen aan ondernemers.”
    • En het zal betaald worden met publiek geld: “Vanuit de globale financiële middelen blijven we investeren in bedrijvenzones en andere initiatieven om ondernemers te stimuleren.”
    • Openbare stadsdiensten gaan in functie van de bedrijven werken: “De stadsdiensten van toerisme, ruimtelijke ordening, veiligheid, mobiliteit… werken nauwer samen met ondernemers en betrekken hen bij het opstellen van hun plannen.”
    • In hetzelfde hoofdstuk vinden we dit terug: “Onze stad heeft een veelheid aan actoren in de zorg, de farmacie en het zorgonderwijs. Dit biedt ons een unieke kans om de uitbouw van zorg-innovatieve economie verder te zetten.” Privatisering van (of betrekken van privébedrijven bij) de zorg, dus.

 

  • In het hoofdstuk over werkgelegenheid: “Met onze initiatieven bevorderen we de werking van de arbeidsmarkt zodat meer mensen kunnen meedoen, minder mensen aan de kant (moeten) blijven staan en bedrijven optimaal kunnen profiteren van de aanwezige arbeidskrachten.” U leest het goed, het is de bedoeling dat de bedrijven “profiteren” van de arbeidskrachten.

 

  • De taken van de stad worden meer en meer geprivatiseerd: “De economische ontwikkeling en het stimuleren van werkgelegenheid is geen vraagstuk van de stad Turnhout alleen. Daarom gaan we meer en meer samenwerken met ondernemers, (onderwijs)instellingen en andere overheden, ook over onze stedelijke grenzen heen.”

 

  • In het hoofdstuk “Een levend stadshart” duikt het idee van verdere privatisering opnieuw op: “In een snel veranderend ondernemingslandschap is er meer dan ooit nood aan samenwerking tussen ondernemers, belangenorganisaties, (hoge)scholen, verenigingen, vastgoedspelers en stadsbestuur.” Ook worden (grote) ondernemers naar het stadscentrum gelokt: “We werken een goed acquisitiebeleid uit voor ondernemers in het centrum. Potentiële investeerders die zich willen vestigen in het centrum moeten optimaal begeleid worden.”

 

  • En daar valt dan het V-woord: “De gebieden Breda, Tilburg en Eindhoven willen we graag terug warm maken voor het gezellige Vlaamse gevoel in Turnhout”. Waar er eerder in de teksten over een superdiverse stad gesproken werd, is de ‘gezelligheid’ nu plots op en top Vlaams, niet multicultureel, niet divers, maar Vlaams. En dat terwijl Turnhout een zeer grote migrantenpopulatie kent. Dat belooft voor de manier waarop de ‘aantrekkingskracht’ van Turnhout verder uitgebouwd zal worden.

 

  • De promotaks (een taks die handelaars betalen voor het voordeel dat ze halen uit de evenementen die in Turnhout georganiseerd worden) moet “herbekeken” Opnieuw belastingverlaging voor de ondernemers dus.

 

  • Een volledig hoofdstuk met de titel “Vlaamse cultuurstad”, opnieuw niet multicultureel, niet divers, maar de expliciete nadruk op “Vlaams”. Verder lezen we: “Alle sectoren (economie, cultuur, onderwijs, sport, toerisme, natuur…) bundelen de krachten om een reeks van evenementen (groot en klein) op te zetten waarin alle Binken hun gading kunnen vinden.” Onder een Bink wordt verstaan: iemand die geboren en getogen is in Turnhout.

 

  • Veiligheid: het kon en mocht niet ontbreken in een akkoord met N-VA: meer politie, meer camera’s, meer repressie, een “lik-op-stuk beleid”, en dat terwijl de criminaliteitscijfers blijven dalen in Turnhout. “Meer zichtbaar blauw op straat die onmiddellijk kunnen ingrijpen, die aanwezig zijn op risicoplaatsen, die het uitgangsleven op een constante manier kunnen opvolgen, etc. is eveneens zeer belangrijk” … “Dit is de essentie van een lik-op-stuk beleid.” … “Er moet zeker blijvend geïnvesteerd worden in de verdere uitbreiding én vernieuwing van deze belangrijke en zeer nuttige hulpmiddelen. Maar de camera’s kunnen hun nut maar bewijzen als er politiemensen zijn die deze middelen gebruiken”.

 

  • Er komen ook kliklijnen: “We willen ook meer inzetten op burgerparticipatie. De Turnhoutse burger wordt de eerste partner van de politie.”

 

  • En uiteraard wordt de ‘war on drugs’ net als in Antwerpen prioritair: “Het college van burgemeester en schepenen gaat in nauw overleg met de lokale verantwoordelijken om prioriteiten te stellen in de handhaving: nultolerantie voor productie en verkoop en gebruik van harddrugs,…” Ook hier zal vooral de kleine (allochtone) gebruiker geviseerd worden.

 

  • Wat het financiële plaatje betreft: eerst had men het nog over een beleid dat mensen tewerkstelt, maar nu wordt het pijnlijk duidelijk waar N-VA met de stad naar toe wil, het staat er letterlijk: “Prioriteiten stellen en keuzes maken, niet alleen in de aanwending van de middelen voor exploitatie en investeringen, maar ook in de taken die door diensten en personeel worden uitgevoerd … Hierdoor moeten niet alleen taken, dus exploitatiekosten, maar ook personeelskosten geschrapt kunnen worden”. Er zal dus stadspersoneel ontslagen worden in plaats van aangenomen.

 

  • Ook besparingen op zowat allerlei vlakken konden niet ontbreken: “Inzetten op verdere verhoging van de efficiëntie en zo nodig besparen in de organisatie, ook bij diensten en organisaties die door de stad worden gefinancierd (politie, brandweer, stadsregio, intercommunales, vzw’s, eva’s…).” Dit betekent dat heel wat verenigingen, en vooral ook de multiculturele, nog maar eens het slachtoffer zullen zijn van een verlaging van subsidies.

 

  • Verhoging van belastingen en retributies: “Alle retributies en belastingen screenen en evalueren en waar nodig bijsturen op efficiëntie, correctheid, sociale rechtvaardigheid, doelgerichtheid en aansluiting bij de beleidsprioriteiten van de nieuwe legislatuur.”

 

  • Burgerparticipatie was een van de paradepaardjes van het sp.a programma. Blijkt nu dat men het huidige overlegmodel wil afschaffen, zonder dat er een concreet voorstel is voor een nieuw model. En wel om de volgende reden: “De klassieke formule van de infovergaderingen is passé. Te vaak worden dergelijke vergaderingen gekaapt door enkelingen die als enige doel hebben de boel op stelten te zetten. Tot frustratie van alle andere aanwezigen, inclusief de stille meerderheid van de buurtbewoners.” Naast een vreemd taalgebruik voor een bestuursakkoord kan men hier vooral lezen dat de kritische stem van de burger gemuilkorfd zal worden.

 

Download het akkoord hier:
https://www.s-p-a.be/media/content/attachment/18/12/19/BESTUURSakkoord_2019-2024_Turnhout_19_12_2018.pdf

Wat staat ons te doen?

Dit akkoord werd door de kopstukken van sp.a Turnhout (gedeeltelijk en onvolledig, het definitieve akkoord stond toen nog niet online) aan de leden gepresenteerd alsof het zo goed als een doordruk was van het sp.a programma. Het zal duidelijk zijn dat ze er niet alle details bij vertelden. Het tegendeel is waar. Naast enkele wel degelijk sociale elementen, waarvan de concrete invulling vaak ontbreekt, is het een akkoord op maat van VOKA, met meer besparingen, afbouw van personeelsbestand, repressie en bovendien overgoten met een Vlaams nationalistisch sausje. N-VA drukt namelijk ook lokaal haar ideologie en beleid door. Het spreekt vanzelf dat dit akkoord op heel veel plaatsen sterk afwijkt van het lokale sp.a programma, dat wél heel wat sociale en zelfs socialistische elementen bevatte. De basis – in zo ver die al aanwezig was op de Algemene Vergadering – geloofde het verhaal en keurde het akkoord goed.

Socialisten strijden voor een economisch model ten dienste van de bevolking, en niet ten voordele van de patroons. Een model waarbij de overheid, en vooral de burgers, de gewone mensen, in grote mate zelf de touwtjes in handen hebben. Het is de arbeidersklasse die de welvaart produceert, en niet de elite, en ze moet dan ook de controle verwerven over de productiemiddelen en diensten. Socialisten verzetten zich tegen de uitbuiting van de bevolking en gaan zeker niet hand in hand met de kapitalisten die de ongelijkheid veroorzaken. Had John Crombez trouwens geen afstand genomen van de ‘derde weg’? Het valt te vrezen dat zijn boodschap niet doorgedrongen is tot de kopstukken van vele lokale besturen. Bovendien zijn socialisten internationalistisch en verzetten ze zich tegen elke vorm van eng nationalisme, waar minderheidsgroepen als derderangsburgers weggezet worden en geviseerd worden.

Socialisme betekent ook basisdemocratie waarbij de bevolking continu inspraak heeft bij de besluitvorming, waarbij verkozenen ook na de dag van de verkiezingen transparant blijven communiceren met de mensen en zich moeten blijven verantwoorden. Als ze niet voldoen, moeten ze afgezet kunnen worden, op gelijk welk moment. Het is dus geen goed teken dat de kiezers al een rad voor de ogen gedraaid wordt nog voordat het nieuwe bestuur haar taken opneemt. Het is nog een slechter teken wanneer onderhandelingsgesprekken voor een akkoord in alle discretie moeten verlopen, zonder dat tijdens het proces de basis op de hoogte gehouden wordt, laat staan inspraak zou hebben.

De toepassing van de socialistische ideologie is ook op lokaal vlak zeer belangrijk, want lokale politiek is niet helemaal anders dan de nationale, zoals sommigen beweren. Ook op lokaal vlak kunnen en moeten socialistische elementen geïmplementeerd worden.

Hoe moet het nu verder met het socialisme? Er zijn op dit ogenblik niet echt democratische socialistische alternatieven, laat staan partijen. Men kan proberen om binnen een partij het tij te doen keren, maar daar zijn mensen al jaren mee bezig, zonder resultaat. De invloed van de apparatsjiks is te groot. De bureaucratie is een betonblok dat zeer moeilijk te slopen valt.

Toch moeten mensen zich blijven verenigen in democratische basisbewegingen met antikapitalistische insteek en in de vakbonden, op school, op de werkvloer, in de gemeenschappen en buurten, en zelfs ook binnen een partij als zij dat wensen. Daarbij zullen ze moeten samenwerken. De verschillen die er soms zijn, moeten op basis van dialoog opzij gezet kunnen worden om het gemeenschappelijke doel te bereiken: het vervangen van een systeem van uitbuiting ten voordele van een minderheid door een echt democratisch systeem van solidariteit en gelijkheid ten voordele van de mensheid en de planeet. De planeet zal enkel groener kunnen worden als er een democratisch rood systeem aan het werk is.

Progressieve partijen en organisaties moeten aangemoedigd worden om samen te werken. Het zal de enige manier zijn om de strijd aan te binden met de steeds meer extreem rechts wordende neoliberale vijanden. Dat zal ook over de grenzen heen moeten gebeuren. Ook kapitalisten zijn geglobaliseerd. Solidariteit zal internationaal zijn of ze zal niet zijn.

Het laatste dat we mogen doen is samenwerken met de vijand, laat staan hem aan de macht houden of zelfs brengen. Want zijn doel is niet een samenwerking met socialisten, maar hun vernietiging. Hij pakt ons eerst binnen om ons dan te verdelgen. De verkiezingen in 2019 zullen dat al snel duidelijk maken.

 

De redactie

Eén reactie

  1. Ik vind dit niet kunnen allemaal, wij socialisten hebben al gestaakt en betoogt tegen die nva omdat ze voortdurend foute beslissingen namen die een onrechtvaardig beleid hadden uitgedoktert tegenover de gewone werkmensen en de gewone mens in de straat en sociaal zwakkeren en waar wij als socialisten voor staan om een eerlijke en rechtvaardige beleid te voeren voor iedereen doch toch gaan ze in zee met deze nva onze aartsvijand en het strookt niet met de socialistische waarden van onze partij SP.A. Ik zie dat er SP.A afdelingen zijn die toch in zee durven gaan met nva en wat er dan gewoon gedacht wordt door de achterban dat het om de postjes te doen is en niet om het vrijwaren en opkomen voor onze socialistische waarden waar wij als SP.A voor staan, die afdelingen zouden bijgestuurd moeten worden van hoger uit en daar moet onze voorzitter John Crombez ook bijtreden alsook de hoogste partijraad van SP.A om verbintenissen met nva tegen te gaan anders zullen er nog vele andere leden met de tijd afhaken en uitzwermen naar andere partijen.Ik blijf veel respect hebben voor onze SP.A en voor de waarden ervan maar dan moet het echt stoppen met in zee gaan met nva of andere nationalistische partijen en wat meer strijdkracht voeren tegen nva ipv met nva.

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.