Socialisten aan het roer in Antwerpen (Deel 5 en slot)

In dit laatste deel geven we een relaas over de jaren laatste 20 jaar dat de socialisten mee aan het roer stonden van het bestuur van Antwerpen. Een periode die gekenmerkt wordt door polarisatie tussen de democratische partijen en uiterst-rechts. En die eindigt met een technocratisch bestuur, waarin het socialistisch perspectief vervaagde.

Deel 5 – Een nieuwe brede coalitie, nieuwe bestuursstijl en technocratie in plaats van ideologie

Antwerpen was de eerste grootstad in België en zelfs heel Europa waar het uiterst-rechts populisme, in de gedaante van het Vlaams Blok/Vlaams Belang een politieke doorbraak kende en als een kanker het samenlevingsweefsel kon aantasten.

Vanaf de gemeenteraadsverkiezingen van 1994 kregen die meer en meer het karakter van een strijd van één tegen allen, van de democratische partijen tegen uiterst rechts. Die verkiezingen liepen uit op een volledige partijpolitieke herschikking in de stad. En tot een coalitie van alle democratische partijen tegen het Vlaams Blok, uitgezonderd één radicaal links gemeenteraadslid, Nadine Peeters, verkozen op een kartellijst van de toenmalige groenen van Agalev.

In die nieuwe coalitie werd, onder andere door Agalev, een veto gesteld tegen Bob Cools als onterechte belichaming van al wat mis was gelopen tijdens de vorige periode. Leona Detiège, was wel aanvaardbaar. Cools werd voorzitter van het OCMW.

Het grote nadeel van deze veelkleurige coalitie was dat de oppositie enkel bestond uit het het Vlaams Blok, dat in zijn propaganda Antwerpen steevast als probleemstad afschilderde, een framing die geleidelijk door de media werd overgenomen. Dat voortdurend benadrukken van problemen, die per slot van rekening eigen zijn aan een grootstad, zorgde ook voor een toename van de gevoelens van ontevredenheid bij de Antwerpse bevolking, zoals bleek uit een studie die in 2000 door de sociologen Koen Abts en Marc Swyngedouw werd uitgevoerd. Eigenaardig genoeg bleek uit dezelfde studie dat 80 percent van de inwoners tevreden tot zeer tevreden was over het leven in de eigen buurt. ¹

Men kan de nieuwe coalitie, die een nieuwe bestuursstijl hanteerde, niet verwijten dat er geen begin werd gemaakt met een beleid, dat moest tegemoetkomen aan die onvrede. De districten werden opgewaardeerd, de drempels voor sociale dienstverlening werden door een decentralisatie in wijkkantoren en infobalies verlaagd, de stedelijke administratie werd gemoderniseerd en gedepolitiseerd. Het integratiebeleid werd opgestart. De properheid van de stad werd aangepakt, door acties tegen sluikstorten en hondenpoep en voor selectieve huisvuilophaling. Er werd meer aandacht besteed aan wijk- en straatrenovatie. En dat alles desondanks de beperkte financiële ademruimte. De ‘regenboogcoalitie’ werkte met een duidelijke gezamenlijke beleidsvisie, wat ook nodig was, om ze te smeden tot een consistente bestuursmeerderheid.

De als het ware gebetonneerde coalitie van socialisten en christendemocraten, die bijna de volledige periode van 1921 tot 1994 overspande, had begrijpelijk tot een zekere mate van bestuurlijke inertie, en zeker tot politisering van het ambtelijk apparaat geleid. Dat er vers bloed in het stadsbestuur kwam, met het toetreden van liberalen en groenen, kwam op het goede moment. Het is de verdienste van Leona Detiège dat ze die nieuwe bestuursstijl als burgemeester een gezicht gaf.

Maar het was allemaal niet genoeg. Ook de verkiezingen van 2000 verliepen in een gepolariseerde sfeer, waarna de regenboogcoalitie tegen het Vlaams Blok werd voortgezet.

De zogenaamde Visa-affaire, na beschuldigingen door het Vlaams Blok over gesjoemel met onkostennota’s van ambtenaren en schepenen, betekende het einde van het burgemeesterschap van Detiège. Achteraf bleek dat de meeste beschuldigingen niet tot vervolging aanleiding gaven. De meeste klachten werden verticaal geklasseerd. Maar het is tekenend voor de politieke sfeer na de eeuwwisseling in Antwerpen, dat het gebeuk van uiterst rechts, tot een plaatselijke politieke crisis kon leiden.

Nog meer dan de verkiezingscampagnes van 1994 en 2000 stond de campagne in 2006 in het teken van de strijd tegen het extreemrechts. Burgemeester Patrick Janssens, die in 2003 het burgemeesterschap van Detiège had overgenomen, voerde bewust een campagne zonder partij-etiket. Maar hij boekte wel een grote verkiezingsoverwinning, zodat hij burgemeester kon blijven in een driepartijencoalitie van socialisten, christendemocraten en liberalen.

Alhoewel Janssens in de tien jaar dat hij burgemeester van Antwerpen is geweest, een goed rapport kan voorleggen – de stad ging er op heel wat terreinen zienderogen op vooruit – kunnen we niet om de vaststelling heen, dat er een fundamenteel verschil is met de bestuursperiodes tot en met die van Bob Cools. In de opeenvolgende coalities van socialisten en christendemocraten, slaagden de socialistische burgemeesters en schepenen er in om echte structuurveranderingen door te voeren. Dat betekent dat hetgeen kon worden verwezenlijkt op het gebied van de verbetering van de levensomstandigheden van de grote meerderheid van de bevolking, ook werkelijk verankerd was in de beheersstructuur van de stad. Antwerpen was de stad van de scholen, de ziekenhuizen, de sociale woningbouw, met een sterke publieke dienstverlening.

Patrick Janssens was een bestuurder van de ‘derde weg’, die zich niet liet leiden door een socialistische visie van gelijkheid en emancipatie, maar door het technocratisch, ideologievrij besturen van de stad als een bedrijf.

Dat zijn bestuursproject in 2012 door de kiezer werd afgestraft, heeft mede daarmee te maken: als je er niet in slaagt duidelijk te maken dat de manier waarop je de stad bestuurt, past in een algemene visie die erop gericht is het leven van de mensen te verbeteren, word je alleen maar beoordeeld op wat je hebt gedaan. En dat laatste is altijd te weinig, zeker in een klimaat waarin rechtse populisten op elke slak zout kunnen leggen en elk probleem uitvergroten. Uiteraard kon de truc met de niet-partijpolitieke campagne, ditmaal in kartel met een sterk verzwakte CD&V, die achteraf ook nog verraad pleegde, in 2012 niet opnieuw werken.

Op 1 januari 2013 kwam er dan ook een einde aan meer dan 90 jaar socialisten aan het roer in Antwerpen.

Tot besluit

De rechtse bestuursploeg onder Bart De Wever maakte van bij het begin van zijn aantreden voortvarend werk van het uitwissen en liquideren van sociale en andere verwezenlijkingen, die duidelijk aan het vroegere socialistische bestuur kunnen worden gelinkt.

Het afbouwen van sociale voorzieningen, het uitverkopen van de stad aan de privésector, een antisocialistische symboolpolitiek (zoals het sluiten van het home Mathilde Schroyens aan zee, of het vervangen van het rode stadslogo door een zwart logo), het zijn allemaal uitingen van rechts revanchisme, waar de stad niet beter van wordt. Het terugdraaien van de grote plannen inzake stadsvernieuwing, waarin meer aandacht uitging naar een stad voor mensen in plaats van een stad voor auto’s, springt nog meer in het oog. Een beleid dat opnieuw inzet op het individueel autoverkeer, draait de klok tientallen jaren terug. Dat het verkeer stilstaat, staat symbool voor de algemene stilstand waarmee de stad wordt geconfronteerd.

Het zal niet zo lang duren dat zal blijken dat dit bestuur rampzalig is voor de stad Antwerpen en haar inwoners. Het zal dan ook duidelijk zijn, dat het burgemeesterschap van De Wever helemaal niet past in het rijtje van grote burgemeesters, Van Cauwelaert, Huysmans, Craeybeckx, Cools….

Antwerpen verdient beter. De herinnering aan hoe het ooit geweest is, toen – ook in moeilijke periodes – Antwerpen toekomstgericht, cultureel emanicipatorisch en sociaal werd bestuurd, kan ons duidelijk maken dat het een andere richting uit kan, dan de stagnatie en de stappen terug van de afgelopen legislatuur. Zonder nostalgie zeggen we, dat we terug moeten aanknopen met een progressief, sociaal en warm bestuur voor Antwerpen en de Antwerpenaars. Alleen op die manier gaan we opnieuw vooruit!

 

[1] Koen Abts, Marc Swyngedouw, Gemeenteraadsverkiezingen in Antwerpen: een terreinverkenning, in Samenleving en Politiek, jg. 7, 2000, nr. 5.

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.